Deze website gebruikt cookies. Door gebruik te maken van deze website, geef je aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies.

Sluiten

Handige tuintips voor een mooie en gezonde tuin.

Wanneer moet ik snoeien of bemesten, hoe plant ik een haag of verzorg ik het gazon?

Elke maand verschijnen in de nieuwsbrief handige tuinweetjes. Hier vind je onze tips terug.

HET VERGETEN PLANTSEIZOEN…

De meeste mensen gaan vooral in het voorjaar in de tuin aan de slag. Daarmee is het ideale plantseizoen, het najaar, naar de achtergrond verschoven. Door te planten in de herfst kunt u als tuinbezitter al meteen in het vroege voorjaar genieten van al het groen dat ontluikt.

Planten in het najaar biedt echter nog veel meer voordelen, denk aan: Water, Wortels, Winterslaap!

PLANTADVIES VAN HAAG- EN BOSPLANTSOEN

Voordat je begint zijn er twee zaken belangrijk om te weten: deze klus alleen aanpakken bij niet-vriezend weer én zorg ervoor dat de kale wortels niet uitdrogen tijdens het vervoer of de voorbereidingen!

Download

Zadencatalogus 2021

Allemaal beestjes...

Door de droogte van de afgelopen weken zitten er veel bladluizen op hagen, rozen, sierstruiken en groenten. Deze kleine diertjes hebben een grote impact op uw planten. Ze prikken in bladeren, knoppen en het sappige groen in uw moestuin en zuigen gretig de plantensappen op, waardoor de planten verzwakken.

Door lieveheersbeestjes in te zetten, kiest u voor een natuurlijke bestrijding. De larven van dit inheemse, tweestippelige lieveheersbeestje zijn namelijk echte veelvraten: per dag eten ze makkelijk 100 bladluizen op. Als ze verpopt zijn, blijven de lieveheersbeestjes dankbare hulpjes, want ook zij voeden zich maar al te graag met bladluizen. Koop DCM Naturapy Adali-Guard en los het luizenprobleem op met hulp van de natuur!

 Meestal leven bloemen en beestjes in harmonie met elkaar samen in de natuur. Ze hebben elkaar immers nodig, voor de bestuiving of als voedselbron. Daarom een paar tips waardoor vooral nuttige beestjes zich welkom voelen in uw tuin. 

  • Zorg voor voldoende variatie aan planten in de tuin, verspreid over het hele jaar. Met bloeiende, liefst enkelbloemige, planten en besdragende struiken hebben de beestjes keuze in voedselbronnen en schuilmogelijkheden. Hoe diverser de beplanting, hoe meer verschillende beestjes en hoe beter het evenwicht in de tuin.
  • Koester de beestjes in plaats van ze te bestrijden. Raak verwonderd van wat ze allemaal aan goeds doen in de tuin.
  • Heeft u water in de tuin, dan komt de kikker meestal vanzelf en deze helper heeft tal van insecten op het menu staan.
  • Lok egels naar de tuin. Maak de tuin niet te netjes, zorg voor schuilplaatsen en natuurlijke hagen en afscheidingen, zodat ze de tuin in en uit kunnen. Als beloning vangen ze tal van slakken, rupsen en kevers voor u weg.
  • Wacht bij een plaag zoals bladluizen gerust even af. U zult merken dat het lieveheersbeestje, de zweefvlieg en de gaasvlieg met hun larven komen om deze bladluizen te eten.
  • Als u toch een plaag moet aanpakken, kijk dan of het met natuurlijke bestrijders kan, zoals aaltjes van DCM Naturapy.

Inheemse, vaste wilde planten voor de natuurlijke tuin... 

In de natuur zijn veel wilde bijen en andere nuttige insecten voor hun voedselvoorziening afhankelijk van bepaalde planten die van nature in Nederland voorkomen. Helaas worden deze op het platteland steeds zeldzamer. Reden te meer om ze een plekje te geven in bermen of tuinen. Ook is het belangrijk dat er in elk seizoen wat bloeit.

We hebben een lijst met vaste planten, die graag bezocht worden door bijen en andere nuttige insecten, maar zeker ook sierwaarde hebben en zorgen voor een weelderige, natuurlijke tuin. Op ons tuincentrum staan ze op de vaste-plantentafels.

 Lijst met inheemse, vaste wilde planten voor de natuurlijke tuin

 Achillea ptarmica ‘the pearl’
Allium schoenoprasum
Campanula glomerata
Campanula persicifolia
Centranthus ruber
Cirsium rivulare atropurpureum
Dianthus deltoides
Digitalis purpurea
Geranium phaum
Geranium pratense
Geranium sylvaticum
Knautia arvensis
Lythrum salicaria
Origanum vulgaire
Persicaria bistorta
Physalis alkekengi
Salvia sclarea
Saponaria officinalis
Sedum acre
Teucrium chamaedrys
Tymus serpyllum
Trifolium ochroleuconoch
Veronica austriaca teucrium
Veronica longifolia
Vinca minor
Viola odorata
Verbascum nigrum

Grondige verbetering van de bodem

Ook zo’n zin in april? Lekker nieuwe plantjes poten in de tuin of misschien wel een hele nieuwe tuin aanleggen? Vergeet dan niet de bodem te verbeteren. Gebruik hiervoor DCM Vivimus universeel, meng dit door de grond, dan slaan uw planten veel beter aan. Hoe dat komt? Vivimus is een traag verteerbare organische stof, die zorgt voor balans in de bodem wat betreft structuur, lucht- en waterverhouding. Daarnaast zijn de juiste bacteriën toegevoegd om planten weerbaar te maken tegen ziektes en schimmels. Gebruik in combinatie met DCM Bodemactivator om de juiste voedingsstoffen toe te voegen. Resultaat: laag uitvalspercentage, aantrekkelijke planten, snel gesloten plantvak, dus minder onkruid. Ideaal voor aanleg van moestuin en -tuin. Bovendien volledig biologisch!

Geniet van een mooie en gezonde tuin!

Dahlia tips

Denkt u bij bloembollen ook meteen aan het voorjaar? Aan Keukenhof-achtige taferelen? Terwijl de laatste tulp nog in bloei staat, kunnen de zomerbollen nu de grond in.
En het leuke is, van zomerbollen hebt u maandenlang plezier en ze geven veel kleur aan uw tuin! Dahlia’s zijn misschien wel de bekendste zomerbollen. Mooi in potten, maar er zijn geweldige combinaties mee te maken in de vaste plantenborder. Of tussen siergrassen! Met deze tips gaat u een spetterende zomer tegemoet!

Planttips en onderhoudstips
· Plant Dahliabollen ondiep, slechts een laagje aarde erop volstaat.
· Plant Dahliabollen omstreeks half mei, als de ijsheiligen voorbij zijn. Ze zijn nl. erg gevoelig voor vorst. Binnen voorkweken kan al eerder, in maart.
· Laat niet teveel takken aan een dahliaknol groeien, dan raakt de bol sneller uitgeput.
· Regelmatig dieven is aan te bevelen. Bij dieven haalt u het blad en het bloemknopje weg van de zijscheuten tussen de bovenste twee of drie bladoksels. Hierdoor krijg je een mooiere bloem, water en voedingsstoffen gaan nl. meteen naar de hoofdknop.
· Dahlia’s vragen veel mest en water.
· Zet de knollen voor het planten een halve dag in een emmer water, zodat ze zich goed kunnen volzuigen.
· Dahliabollen worden in de late herfst weer gerooid en kunnen bewaard worden in een kistje, al dan niet in de turfmolm.

Assortiment bomen

Bladverliezend of groenblijvend, solitair of herhalend, strak of grillig, een boom is boeiend en beeldbepalend in elk jaargetijde. Voor iedere tuin heeft Boomkwekerij Huiting een geschikte variant. Welke boom past het beste bij uw tuin?

Leibomen
Een leiboom bestaat uit een stam en een scherm. Door de platte, compacte vorm zijn leibomen zeer geschikt voor het afschermen van de tuin. Het eventuele zicht van de buren wordt zo op een stijlvolle manier tegengegaan. Leibomen zorgen voor privacy zonder dat ze veel ruimte innemen. Ze worden vaak in combinatie met een schutting of haag gebruikt. Leibomen voor een woonhuis kunnen ook worden aangeplant voor schaduw in de zomer. Zo zien we de leilinde vaak voor oude boerderijen staan. Vogels bouwen graag hun nest in leibomen. Populaire leibomen zijn: amberboom, glansmispel, laurier, leifruit, linde, plataan en steeneik.

Bolbomen
Bolbomen zijn meestal geënt op een onderstam, die vaak rond de 2 meter hoog is. Hier begint de eerste vertakking van de bolvorm. De lengte van de stam blijft door de jaren gelijk, alleen de omtrek wordt dikker. Een bolboom is zeer geschikt voor de kleine tuin, je kunt er immers gemakkelijk onderdoor lopen. Door snoei blijft de kroon mooi compact. Als bolbomen niet of slechts minimaal worden gesnoeid, zal de boom met zijn brede kroon uitgroeien tot een karakteristiek, beeldbepalend element in een grotere tuin. Een bolboom is een goede nestelplaats voor vogels. Populaire bolbomen zijn acacia, amberboom, eik, esdoorn, Japanse notenboom en trompetboom.

Dakbomen
Dakbomen of parasolbomen zijn van nature opgaande bomen die in een dakvorm zijn gekweekt. Daardoor is dit een heerlijke boom voor op het terras. De schaduw die deze natuurlijke overkapping geeft, is voortreffelijk. De privacy en de beschutting die deze boom creëert, zorgt voor een intieme sfeer! Door de goed te hanteren vorm is dit boomtype geschikt voor bijna iedere tuin en past hij uitstekend in vele ontwerpen!

Op ons tuincentrum hebben we veel dakbomen staan, sommige hebben groot blad en geven veel schaduw, andere hebben een bijzondere verkleuring en geven een gouden randje aan de herfst. Ook in de winter zijn deze bomen markante blikvangers. Populaire dakbomen zijn: amberboom, moerbei en plataan.

Meerstammige bomen
Meerstammige bomen hebben vaak meer weg van een grote struik dan van een boom. Vanuit de grond komt niet één stam maar komen er meerdere. Zo ontstaat een karaktervolle struik of kleine boom met een natuurlijke uitstraling. Meerstammige bomen hebben een natuurlijk, grillig en transparant uiterlijk. Veel soorten hebben fraai blad en krijgen ook nog bloemen. Vogels zitten graag in de goed vertakte kroon. Omdat er geen blad onderaan de stammen zit, levert dit een spannend doorkijkje op en geeft het, vooral in een kleine tuin, een ruimtelijk effect. Een meerstammige boom filtert vaak het zonlicht, wat een fijn diffuus lichteffect geeft. Mooi met lage planten of bodembedekkers eronder! Populaire meerstammige bomen zijn: beverboom, esdoorn, krentenboompje, Perzisch ijzerhout en zevenzonenboom.

Zuilbomen
Zuilbomen zijn smal opgaande bomen die weinig ruimte innemen. Hun strakke vorm maakt ze geliefd en zorgt ervoor dat ze mooi oprijzen uit lage beplanting. Populaire zuilbomen zijn: beuk, goudiep, haagbeuk, Japanse sierkers, Judasboom, Perzisch ijzerhout en steeneik.

Draag bij aan het welzijn van de bij...

We hebben ze nodig voor de bestuiving van onze gewassen: bijen. Om de bijenpopulatie te vergroten kunnen we allemaal ons steentje bijdragen. Allereerst door stenen en tegels weg te halen en zoveel mogelijk (kale) grond in te planten, liefst met planten die om de beurt bloeien, het hele jaar door. Bijen hebben nectar en stuifmeel nodig voor allerlei bouwstoffen om hun larven te voeden. 

Wist u dat ook er ook bloembollen zijn die voor bijenvoedsel zorgen? Denk aan winterakonietjes, sneeuwklokjes, krokussen, sneeuwroem, blauwe druifjes en kievitsbloemen in het vroege voorjaar en Alliums (sieruien) in het late voorjaar. 

We hebben hier ook rekening mee gehouden met de inkoop van onze bloembollen. In de eerste week van september komen ze weer binnen. Bloembollen poten in het najaar is een kleurrijk bloementapijt in het voorjaar. Daar wordt niet alleen de bij blij van! De bollen kunnen al vanaf september de grond in. 

Benieuwd welke planten nog meer op het menu staan van de bij?

  • Bijen zijn dol op kruiden, zoals bieslook, kamille, munt, oregano, rozemarijn en tijm. En op de bloemen van bepaalde groenten, zoals biet, prei, sla, venkel en wortel. 
  • Verder, in het voorjaar: blauwe en gouden regen, Cornus mas, Judaspenning, longkruid, pinksterbloem, Prunus, rododendron, sleutelbloem, Skimmia japonica en fruitstruiken en fruitbomen, zoals appel, blauwe bes, braam, framboos, kruisbes, peer, pruim, rode bes en zwarte bes.
  • In de zomer: bijenkorfje, brem, Campanula, geranium, juffertje in het groen, kamperfoelie, kattenkruid, klimhortensia, kruipend zenegroen, liguster, meidoorn en rozen 
  • In de nazomer: Clematis, Japanse anemoon, kogeldistel, koninginnekruid, Liatris spicata, Sedum en wingerd
    Voor de herfst zijn dat herfstaster, herfstkrokus, klimop, olijfwilg en winterheide
  • Nectarrijke winterbloeiers: hazelaar, Helleborus, Mahonia en Sarcococca.

Hoe kun je bijen verder helpen?

Sommige bijensoorten overwinteren in uitgebloeide bloemstengels. Snoei daarom niet alles weg in het najaar, maar laat uitgebloeide stengels gerust staan tot het voorjaar. Insecten kunnen erin overwinteren en het beschermt planten beter tegen vorst.

Bijen verkiezen enkelvoudige bloemen boven gevulde, omdat ze dan makkelijker bij het stuifmeel of de nectar kunnen.

Kortom, laat blije bijen ons een zorg zijn!

Plantinstructies bomen

Het planten van een boom komt heel precies, volg de instructies dus nauwgezet op!

Plantgat maken en controleren

  • Begin allereerst met het maken van een ruim plantgat! Zorg dat het plantgat ongeveer twee keer zo groot is als de kluit van de boom. Zo krijgt de boom de ruimte om zijn wortelgestel goed te ontwikkelen.
  • De diepte van het plantgat moet ongeveer gelijk zijn aan de bovenkant van de kluit. Een boom die te diep wordt geplant kan op termijn zuurstofgebrek of rottende wortels krijgen. Een plan die te hoog wordt geplant kan uitdrogen.
  • Belangrijk is om het plantgat goed te checken. Controleer eerst de waterhuishouding! Staat er een laag water onderin het plantgat, dan is de kans op rotting groot.
  • Controleer op storende grond! Kom je na een laag van 10 cm aarde in het zand terecht, vervang dan al het zand door goede grond.
  • Controleer ook op aanwezig puin in de grond! Hierdoor kunnen de wortels belemmerd worden tijdens de groei.
  • Laat het jute net om de kluit zitten, maak alleen de stam vrij als het daaromheen geknoopt zit.

Plaatsen van de boom

Als het plantgat in orde is, plaats de boom, meng de bestaande grond met Vivimus (bodemverbeteraar) en vul het plantgat daarmee op. Schud tijdens het aanvullen van de grond aan de boom, zodat de grond ook tussen de haarwortels komt. Plaats, als de wortels nog zichtbaar zijn, één of twee boompalen met boomband op zo’n manier dat er nog wel wat speling is.

Water geven

Geef na het planten ruim water, 10 à 20 liter water afhankelijk van de grootte van de boom. Blijf de eerste paar weken water geven, afhankelijk van het weer ongeveer om de twee dagen.

Ideale planttijd

De meeste bomen staan tegenwoordig in pot, wat maakt dat ze het hele jaar door geplant kunnen worden, behalve tijdens een vorstperiode. Bomen met kale wortels slaan het best aan in een periode dat de temperatuur nog mild is en er enige neerslag valt. De beste tijd is dan ook de lente (vlak voor het uitlopen van de bladeren) of de herfst (vlak nadat de bladeren zijn gevallen). Door de boom rond deze tijd te planten heeft hij de tijd om te wortelen, zodat de boom beter bestand is tegen de koude of hitte die volgt.

Veel plezier van uw boom!

Team Tuincentrum Huiting

Bemesting siertuin

In principe zijn er twee soorten meststoffen: organische mest en kunstmest. Organische mest is beter voor de planten en de bodem. Kunstmest werkt sneller, maar ook korter en maakt de planten zwakker.

Kunstmest
Kunstmest bestaat uit kunstmatige voedingsstoffen. Het werkt direct op de planten in en versterkt de groei. Een extra opkikkertje dus voor de plant die daar behoefte aan heeft. Bijvoorbeeld als er veel voeding van de plant is afgenomen door snoeien en maaien of als ze ziek zijn, of geweest. Kunstmest werkt veel minder lang door dan organische mest. Ook kan teveel kunstmest de wortels verbranden. Planten worden opgejaagd, waardoor ze sneller vatbaar zijn voor ziekten.

 Organische meststoffen
Organische meststoffen zijn samengesteld uit natuurlijke grondstoffen (van plantaardige of dierlijke oorsprong). Planten nemen die niet direct op, omdat ze eerst afgebroken moeten worden tot mineralen. Dat gebeurt in de bodem. Door dit proces wordt het bodemleven bevorderd en de structuur van de grond verbeterd. Uiteindelijk blijven er voedingsrijke mineralen over. Na dit afbraakproces halen planten geleidelijk de voedingsstoffen die ze nodig hebben uit de bodem.

 DCM Meststof Siertuin is uiterst geschikt als universele bemesting voor de hele siertuin. Dankzij de doordachte samenstelling bevat deze meststof de nodige voedingselementen voor een evenwichtige groei en een uitbundige bloei. Het hoge gehalte aan kalium zorgt voor stevige planten en intense bloemkleuren terwijl magnesium noodzakelijk is voor een frisgroene bladkleur. Bij nieuwe aanplantingen mag DCM Meststof Siertuin, dankzij de zachte werking, tot vlak vóór het planten gebruikt worden. Werk de juiste dosis in de toplaag van de grond in bij het aanplanten. Als onderhoudsbemesting de meststof uitstrooien en, indien mogelijk, lichtjes inwerken in de bovenste grondlaag. Bij droog weer begieten om de werking van de meststof te versnellen. DCM Meststof Siertuin werkt maar liefst 100 dagen lang. In de zomer nog een keer bemesten zorgt ervoor dat de planten sterk en gezond de winter ingaan.

Humus
De organische stof in deze meststoffen wordt door het bodemleven omgezet in humus. Humus draagt bij tot een kruimelige grondstructuur en een goed evenwicht tussen lucht en vocht in de bodem. Zo wordt een vlotte inworteling mogelijk en wordt de ontwikkeling van het bodemleven bevorderd.

 NPK
In zowel kunstmest als organische mest zit NPK, wat staat voor stikstof (N), fosfor (P) en kalium (K). Het zijn de belangrijkste voedingsstoffen voor planten. Stikstof (N) is nodig voor de groene delen van de plant, fosfor (P) voor sterke wortels en kalium (K) voor stevigheid, weerstand, bloei en vruchtvorming. Op elke meststofverpakking staan deze letters met daarachter het percentage van de voedingstof. NPK 12-10-18 is bijvoorbeeld een universele meststof.

Omdat niet alle planten dezelfde behoefte hebben aan een voedingsstof en ze niet allemaal dezelfde eisen stellen, onder meer wat de zuurtegraad betreft, zijn er voor sommige soorten ook aangepaste meststoffen beschikbaar. Zo werd DCM Meststof Rhodo, Hortensia & Azalea speciaal ontwikkeld om aan de specifieke behoeften van de zuurminnende planten te voldoen. Dit zijn planten die het best gedijen in een zure grond (pH 4,5-5,5). Tot deze groep behoren onder andere Rhododendron, heideachtigen, Azalea, Skimmia, Magnolia, etc. Rozen hebben bijvoorbeeld meer behoefte aan stikstof en kalium dan aan fosfor. Ook daar is een aparte meststof voor.

 Nu bemesten is genieten van een zomer vol kleur in uw tuin!

MEI, maand van de bij

Waarom zijn bijen zo belangrijk voor de tuin?

Ongeveer 80 % van de gewassen is afhankelijk van bijen om goed te kunnen groeien. Dit geldt ook voor de meeste planten die we in de natuur tegenkomen. Zonder bijen zouden bijvoorbeeld appels, peren, tomaten, aardbeien en courgettes niet kunnen groeien. Én hebben vogels en andere dieren geen bessen en zaden om te eten. Deze kleine beestjes zijn dus echt onmisbaar voor ons.

En hoe kunnen wij ervoor zorgen dat er meer bijen in de tuin komen?

1. Nestelplaatsen
We zorgen al gemakkelijk voor nestelplaatsen voor bijen door dood hout te laten liggen, op een zonnige plek. Een mooie boomstronk of grote tak bijvoorbeeld. Maar ook de speciale insectenhotels zorgen voor mooie nestplaatsen voor de bezige bijen.

2. Inheemse planten
Wilt u gaan inzaaien of planten in de tuin? Kies dan voor (zaaigoed van) inheemse plantensoorten. Dit zijn planten die van oorsprong in Nederland voorkomen en deze zijn extra goed voor de bijen.

3. Bloemrijke tuin in elk seizoen
Niet alle bloemen en planten bloeien op dezelfde momenten in het jaar. Door in uw tuin rekening te houden met de bloeiperiode van uw planten, heeft u het hele jaar door een aantrekkelijke tuin voor de wilde bijen en honingbijen. Behalve aan vaste planten, kunt u ook denken aan lentebolletjes, fruitbomen en kruiden.

4. Vermijd chemische middelen
Heeft u last van andere insecten? Gebruik dan preventieve en milieuvriendelijke maatregelen om deze te bestrijden. Denk aan aaltjes of andere natuurlijke bestrijders. Als u te rigoureus aan de slag gaat met spuitbussen, korrels of andere bestrijdingsmiddelen, hebben de bijen hier ook last van.

Vlinders in de buik...

De vlinderstruik, Buddleja, staat graag op een zonnige plek. Hoe zonniger, des te meer nectar en dus meer vlinders, bijen en hommels rondfladderen en zoemen! Geef in droge, hete periodes wel af en toe water, dan blijft de plant nectar produceren. 

Geen tuin of niet zoveel plek? Een dwergvlinderstruik past al gauw, zelfs in pot. Houd dan wel de vochthuishouding goed in de gaten! In de zomer licht vochtig houden, in de herfst en winter liefst onder een afdakje, als bescherming tegen teveel hemelwater.

Buddleja davidii bloeit op eenjarig hout. Snoei eind maart of in april tot ongeveer 30 cm. boven de grond. Knip net boven een jonge scheut en schuin naar beneden zodat regenwater niet in de snoeiwond blijft staan. De vlinderstruik bloeit van juni tot oktober. Tijdens het bloeiseizoen regelmatig de uitgebloeide pluimen eruit knippen, stimuleert de aanmaak van nieuwe bloemknoppen. Laat in de herfst de uitgebloeide pluimen zitten voor een mooi wintersilhouet en de beestjes zullen u dankbaar zijn.  

In een echte vlindertuin staan van het vroege voorjaar tot het late najaar bloeiende bloemen. Er zijn immers voorjaars-, zomer-, en najaarsvlinders. We zorgen voor afwisseling in hoogte van de beplanting en kiezen vooral de kleuren paars, blauw en geel. Die kleuren zien vlinders het best. Ze overwinteren in zaaddozen, onder bladeren en in bladstengels als eitjes, pop of rups, ruim dus niet teveel op in de herfst!

VLINDERLOKKENDE PLANTEN

Bloeiende heemplanten

  • Blauwe knoop (Succisa pratensis)
  • Brandnetel (Urtica)
  • Brem (Cytisus)
  • Brunel (Prunella)
  • Distelsoorten (o.a. Onopordum)
  • Duizendblad (Achillea)
  • Heide (Erica, Calluna)
  • Honingklaver (Melilotus)
  • Kattenstaart (Lythrum)
  • Klimop (Hedera)
  • Sleutelbloem (Primula)
  • Tijm (Thymus)
  • Veldsalie (Salvia)
  • Vetkruid (Sedum)
  • Wilde grassen
  • Wilde kamperfoelie (Lonicera)
  • Zonneroosje (Helianthemum)

Vaste planten

  • Monarda
  • Nepeta
  • Origanum
  • Phlox
  • Prunella
  • Pulmonaria
  • Rudbeckia
  • Salvia
  • Scutellaria
  • Sedum
  • Solidago
  • Stachys
  • Teucrium
  • Thymus
  • Verbena
  • Allium

  • Anchusa

  • Arabis

  • Asclepias

  • Aster

  • Astrantia

  • Aubrieta

  • Bergenia

  • Calamintha

  • Centaurea

  • Centranthus

  • Doronicum

  • Echinops

  • Echinacea

  • Erigeron

Heesters

  • Vlinderstruik (Buddleja davidii)

  • Calluna

  • Hebe

  • Hedera helix ‘Arborescens’

  • Ligustrum
  • Pyracantha
  • Syringa
  • Rubus

    DE ABSOLUTE TOP-TIEN VLINDERPLANTEN

    • Vlinderstruik (Buddleja davidii)

    • IJzerhard (Verbena bonariensis)

    • Wilde marjolein (Origanum vulgare)

    • Beemdkroon (Knautia arvensis)

    • Damastbloem (Hesperis matronalis)

    • Hemelsleutel (Sedum spectabile)
    • Herfstaster (Aster novi-belgii)
    • Koninginnenkruid (Eupatorium purpureum)
    • Rode zonnehoed (Echinacea purpurea)
    • Bergamot (Monarda fistulosa)

      Geurende avondbloeiers waar veel nachtvlinders op afkomen

      • Kamperfoelie (Lonicera)

      • Silene

      • Phlox 

      Groen gaat hogerop

      Door hittestress en hoosbuien begint het door te dringen dat we iets aan onze leefomgeving moeten doen: vergroenen! Is de tuin gedaan, laten we het dan hogerop zoeken: een groendak! Niet alleen mooi, veel mooier dan bitumen, maar het biedt heel veel voordelen, zoals waterberging, warmteregulering, geluidsisolatie, luchtzuivering en bevordering van de biodiversiteit!

      Het meest voorkomende groendak bestaat uit Sedummatten. Sedum is de ideale dakbedekking omdat de taaie vetplantjes goed tegen wisselende weersomstandigheden kunnen, zichzelf in stand houden en verder ontwikkelen, waarbij onderhoud minimaal is. Het onderhoud bestaat uit ten minste twee keer per jaar te bemesten, wat dode plantenresten en bladeren verwijderen en de regenwaterafvoer schoonmaken. Behalve Sedum kunt u ook kiezen voor kruiden op het dak of vegetatie die speciaal geselecteerd is voor bijen en vlinders.

      Wat is nodig voor een groendak? Om te beginnen een onbeschadigde dakbedekking, zodat het dak waterdicht is. Als de dakbedekking niet wortelwerend is wordt eerst wortelwerende folie aangebracht. Vervolgens wordt een drainagelaag aangelegd, die het overtollige regenwater afvoert. De volgende laag die wordt aangebracht is de water- en wortellaag. Deze laag bestaat uit een soort isolatiemateriaal dat de eigenschappen bezit het water vast te houden en waarin de planten kunnen doorwortelen. Hierna is dan de beplanting aan de beurt: de vegetatiematten. Direct na aanleg worden de vegetatiematten bewaterd, zo zelfs dat ook de onderliggende water- en wortellaag volledig verzadigd is voor de noodzakelijke doorworteling van de vegetatie.

      Bijna elk dak is geschikt voor sedumdakbedekking. Laat bij twijfel een specialist de draagcapaciteit van het dak beoordelen.

      De tuin én het dak vergroenen is een ontwikkeling die helemaal past in de toenemende belangstelling voor duurzaamheid. En al die stukjes groen bij elkaar zorgen toch maar mooi voor extra natuur!

      Voor meer informatie of aanleg van een groendak, neem contact op met Hoveniersbedrijf Huiting, tel. 0347-373302, info@tuincentrumhuiting.nl

      Groentip van Chris Huiting

      Het geeft voldoening om een stukje opbrengst uit je tuin te halen. Zet er iets eetbaars in, een appel- of perenboom, wat fruit of heb je een balkon: zet kruiden neer en pluk er regelmatig van om je eten smaak te geven. Het is mooi om vruchten te zien groeien en het is heerlijk om te oogsten. Nog ’n tip: probeer ook te experimenteren zonder chemicaliën, werk met de natuur mee.

      Meld je aan voor onze Nieuwsbrief

      Voor meer inspiratie

      Graag inspireren wij u met mooie foto’s van onze sfeervolle stijlkamers en onze buitenafdeling vol kleurrijke planten. Ook nuttige tuintips, trends, mooie winacties, interviews met collega’s en gezellige activiteiten delen wij graag met u.

      Volg ons op social media!